Gemeente Rotterdam luidt de noodklok, want de toenemende stroom van Polen en Bulgaren die naar de stad komen is zorgwekkend. Ze werken voor een hongerloon in de kassen, in de bouw of in de schoonmaakbranche en met het weinige geld moeten ze ook een onderkomen betalen waar ze soms met zijn negenen op een klein kamertje wonen. Naar schatting gaat het om 20.000 Oost-Europeanen.

Door de situatie waarin de 'gastarbeiders' zich bevinden ontstaat er veel overlast. De overheid en Rotterdamse politie reageert op de overlast, maar pakt het onderliggende probleem niet aan. De uitbuiting moet worden aangepakt, want de Oost-Europeanen werken lange dagen voor soms maar drie euro per uur. De woonruimte, die doorgaans bestaat uit een bedje in een ruimte met soms negen anderen, wordt meestal door de werkgever geregeld en kost vier- à vijfhonderd euro per maand. Er blijft dus weinig geld over om van te kunnen leven.

EenVandaag spreekt met een Bulgaarse journaliste en een Poolse maatschappelijk werker over de problematiek in Rotterdam.