In TweeVandaag een persoonlijk portret van Koerden die slachtoffer zijn geworden van de gifgassen van Saddam Hoessein. Zij vertellen voor het eerst over hun rol in de rechtszaak tegen de zakenman Frans van Anraat.

halabjaMorgen begint -pro forma- het proces tegen Van Anraat. Hij wordt verdacht van de levering van grondstoffen voor de genocide van de Koerden in onder andere het Noord-Iraakse stadje Halabja. Liesbeth Zegveld, advocaat van de slachtoffers, gaat verder in op het proces.

Aanval op de Koerden
Irak, destijds onder leiding van Saddam Hoessein, voerde op 16 maart 1988 een luchtaanval met mosterdgas en zenuwgas uit op het Noord-Irakese stadje Halabja. Vijfduizend Koerden kwamen om en tienduizenden raakten gewond. Zakenman Frans van Anraat leverde chemicaliën aan Irak. Waarschijnlijk zijn deze grondstoffen gebruikt voor de chemische wapens die Saddam Hoessein inzette tijdens de aanval. Van Anraat heeft dit altijd ontkend en heeft zichzelf nooit als medeplichtig beschouwd.