Na het 'Nee' van Nederland
1 Juni 2005, de dag dat Nederland massaal 'nee' stemt tegen de Europese Grondwet. Een schok voor de regering, maar ook een tegenvaller op Europees niveau; Het altijd zo bereidwillige Nederland komt ineens in opstand en dat laat velen verbaasd achter.
Over de achtergronden van deze
tegenstem wordt al lang gespeculeerd. Was het een offensief tegen
de euro? Het geringe vertrouwen in de regering? Of had de overheid
de burger gewoon beter moeten voorlichten? En had de burger echt
geen oog voor de voordelen van het nieuwe verdrag? Zag men dan niet
hoe log de organisatie was en dat dit echt verbeteren moest om
zaken als veiligheid en milieu te kunnen blijven beschermen? Vragen
die onbeantwoord blijven, maar die nu, anno 2007, langzaam naar de
achtergrond verdwijnen. Met de nodige voorzichtigheid steekt de
Nederlandse regering oude plannen in een nieuw jasje. Op aandringen
van het centrale gezag van Europa. Over deze nieuwe voornemens van
het kabinet kunt u in dit dossier alles lezen. We gaan in op het
bestaansrecht van de afgekeurde Europese Grondwet, de ratificatie
van de eerste versie en referendum van 2005.Verder vindt u in dit
dossier uitgebreide achtergrondinformatie.Het Nieuwe Europa Het
bestaansrecht voor de Europese Grondwet wordt met name gevonden in
de omslachtige werking van de huidige verdragenserie. Daarnaast
hebben de lidstaten de wens vorm te geven aan het 'nieuwe' Europa.
Europa wil zich namelijk meer als eenheid profileren. De gedachte
hierachter is dat dit noodzakelijk is om op internationaal niveau
-als grootmacht- te blijven meetellen. Tot ongenoegen van de
critici. Zij vrezen voor het verloren gaan van de individuele
culturen. De Unie maakt zich evengoed hard voor het nieuwe verdrag,
dat gebaseerd is op de basisverdragen van de Europese Unie: het
Verdrag van Rome (1957) en het Verdrag van Maastricht (1992). De
ontwerptekst voor de grondwet rolt juli 2003 van de pers, maar pas
in 2004 is men het eens over de uiteindelijke versie. Op 19 oktober
van dat jaar wordt er getekend door de Europese Raad en alle
ministers van buitenlandse zaken. Slechts de ratificatiefase rest
nog. In deze fase, waarin het verdrag bekrachtigd zou worden, loopt
het proces spaak. Alle lidstaten moeten het verdrag individueel
bekrachtigen. Dit gebeurt op verschillende manieren. De ene
lidstaat kiest voor een parlementaire goedkeuring, de andere kiest
voor een combinatie van deze goedkeuring én goedkeuring (via een
referendum) door het volk. Zowel het Nederlandse als het Franse
volk beantwoorden dit referendum met een onverbiddelijke nee, en
daarmee leggen zij het hele proces stil. Voor dit verdrag geldt
namelijk 'allen voor één' of iedereen terug naar huis. De bestaande
EU-verdragen blijven vooralsnog van kracht. In weerwil van de
voorzitter van de Europese Commissie, José Barroso (Portugal), die
om deze reden zelfs een bezoek brengt (februari 2007) aan de
Nederlandse Eerste en Tweede Kamer. Het frustreert Barroso dat
grote beslissingen in de Europese Unie in sommige gevallen pas na
zes jaar van kracht worden. Dat is veel langer dan in andere
wereldmachten, zoals China. 'Om op het wereldtoneel van betekenis
te kunnen zijn moet dat echt worden aangepakt,' stelt hij. Ook
lijkt hij teleurgesteld in Nederland en Frankrijk. 'Je kunt niet je
handtekening onder het Grondwettelijk Verdrag zetten, en vervolgens
zeggen: grapje, we doen het toch niet,' aldus Barroso.
Subsidiariteitstoets 'Hoe nu verder?' is een vraag die inmiddels
ook tot het vierde kabinet-Balkenende is doorgedrongen. In het
nieuwe regeerakkoord is besloten inhoudelijke aspecten, alsmede de
vorm waarin één en ander dient te gebeuren (nog een referendum?)
voor te leggen aan de Raad van State. Aan hen de taak de
toekomstmuziek van de grondwet te vertalen naar de melodie van
vandaag. Wel geven CDA, PvdA en ChristenUnie in het regeerakkoord
aan dat subsidiariteit en democratische controle zeker gesteld
moeten worden en dat het nieuwe verdrag zich in 'inhoud, omvang en
benaming overtuigend onderscheidt van het eerder verworpen
grondwettelijk verdrag.' Met subsidiariteit bedoelt men het
beginsel dat het Europese gezag zich niet met zaken mag bemoeien
die beter op een lager niveau geregeld kunnen worden. Het gegeven
dat Nederland het verdrag verworpen heeft en, zo dat dus te lezen
is in het regeerakkoord, dat ook blíjft doen zorgt op zichzelf ook
weer voor moeilijkheden. De landen die de grondwet wel goedkeurden
hebben in januari 2007 namelijk gesteld dat er wat hun betreft niet
gesneden wordt in het verdrag. Nederland staat hierin dus lijnrecht
tegenover de landen die na de eerste ronde reeds akkoord gingen.
Maart 2007 ontmoetten alle Europese leiders elkaar tijdens de
EU-top in Berlijn. De top diende ter viering van het vijftigjarig
bestaan van de Europese Unie, maar had ook tot doel een aanzet te
geven voor een nieuwe opzet voor de ontwerpgrondwet. Aanvankelijk
temperde premier Jan Peter Balkende dan ook het optimisme van
bondskanselier van Duitsland, Angela Merkel, die hoopt dat het
nieuwe ontwerp er in 2009 ligt. De inhoud is volgens Balkenende
belangrijker dan de datum en juist over die inhoud lopen de
meningen dus nogal uiteen.Of Balkenende tijdens de ontmoetingen met
de Europese leiders eind maart onder druk is gezet is gissen, maar
april 2007 komt dagblad De Pers met een opvallend bericht. Daarin
staat dat de belofte voor een nieuw verdrag gebaseerd is op een
fata morgana en dat Balkenende de 'oude' versie van de Europese
Grondwet juist in grote lijnen wil behouden. Het bericht is
gebaseerd op vertrouwelijke stukken die in het bezit kwamen van De
Pers. Deze documenten vormen de inzet voor de onderhandelingen over
een nieuwe grondwet en maken zonneklaar dat het kabinet niet aan
het ‘hart’ van de grondwet wil tornen. Het controversiële deel I
van dat verdrag, dat de macht verdeelt tussen de Europese Unie en
de lidstaten, staat volgens de notitie ‘niet ter discussie’. En het
betreffende hoofdstuk is juist dat gedeelte dat een stuk van de
nationale macht overdraagt aan Brussel. Jan Peter Balkenende
ontkent dat er sprake is van een 'reddingsactie' van de eerste
grondwet-versie. Dat zei hij nadat Harry van Bommel (SP) hem er
tijdens het vragenuurtje mee confronteerde. Aankomende zomer (2007)
worden de onderhandelingen weer opgepakt en zal vermoedelijk meer
duidelijk worden over de inhoud van het nieuwe ontwerp.
Referendumcommissie De gebeurtenissen rondom het Nederlandse
referendum van 1 juni 2005 stemt in het licht van dit nieuwe
ontwerp tot nadenken. Welke oorzaken liggen nu ten grondslag aan de
afwijzing van het verdrag? De referendumcommissie, het
onafhankelijk instituut dat zorgdroeg voor het referendum en de
informatievoorziening eromheen, stelt een onderzoek in. Op
www.hoezogrondwet.nl kan men lezen dat de commissie weliswaar
lessen trekt uit het verloop van het referendum, dat veel zaken
beter hadden gekund, maar dat henzelf weinig blaam treft. Als
algemeen probleem gold namelijk de krappe deadlines. De commissie
werd benoemd door de Tweede Kamer en startte de werkzaamheden op 18
februari 2005. In de periode van ruim drie maanden (tot 1 juni)
bleek de werkdruk voor de referendumcommissie hoog. Achteraf stelt
de commissie dat ook de datum, 1 juni, geen gelukkige keuze was. De
termijn werd met die datum te kort, waardoor politieke partijen, de
media en maatschappelijke organisaties weinig tijd hadden voor
campagne en debat.De tijd zal moeten uitwijzen of Nederland nog
eens te maken krijgt met een Referendum over de Europese Grondwet.
Als dat gebeurt ontstaat er waarschijnlijk ook meer duidelijkheid
over de reden waarom het referendum en daarmee de grondwet in
eerste instantie niet slaagden.Belangrijkste punten uit de
ontwerptekst (2004): • Laten voortduren van bestaande verdragen •
Meer besluitvorming bij gekwalificeerde meerderheid, in plaats van
de unanimiteit die nu vaak vereist is• Op belangrijke gebieden,
zoals buitenlandbeleid en fiscaal beleid, blijft het vetorecht van
kracht• Vastleggen van vrijheden en burgerrechten• Burgers krijgen
een recht van petitie (miljoen handtekeningen) • Er komt een
minister van Buitenlandse Zaken van de Europese Unie• De Europese
Unie wordt een internationaal rechtspersoon• Nationale parlementen
krijgen meer macht door de subsidiariteitstoets • Het Europees
Parlement wordt medebeslisser op nieuwe gebieden, zoals landbouw,
structuurfondsen en justitie, en binnenlandse zaken• Een land kan
besluiten uit de EU te stappen• Meer transparantie. De organen van
de Europese Unie: De Europese Unie kent vijf organen die hieronder
in willekeurige volgorde aan de orde komen. De Europese Commissie
is het dagelijks bestuur van de Unie. De lidstaten leveren elk één
Eurocommissaris. Neelie Kroes vertegenwoordigt Nederland in deze
commissie, zij gaat over mededinging. De reeds eerder genoemde
Barroso is voorzitter van dit orgaan. De Europese Raad bestaat uit
regeringsleiders en presidenten van de lidstaten, alsmede de
voorzitter van de Europese Commissie (Barroso). Zij komen een paar
keer per jaar bijeen om op een Europese Top over politieke
hoofdlijnen te praten. De Europese Raad is het enige politieke
orgaan in de EU dat EU-verdragen mag aanpassen. In de Raad van
Ministers ('de Raad') nemen de ministers uit de lidstaten van de
Europese Unie besluiten over o.a. Europese regelgeving. De
zeggenschap in de Raad neemt toe of af met de hoeveelheid inwoners
van een lidstaat. Er zijn ook onderwerpen waarover alleen met
unanimiteit besloten kan worden.Het Europees Parlement is de
gekozen volksvertegenwoordiging van de Europese Unie. Dit parlement
oefent de door het Verdrag aan deze instelling gegeven bevoegdheden
uit. Ook oefent het controle uit op de Europese Commissie en heeft
het budgettaire bevoegdheden. De verdeling van het aantal leden per
land is wettelijk vastgelegd. De verkiezingen worden om de vijf
jaar gehouden.Het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
verzekert de eerbiediging van het recht bij de uitlegging en
toepassing van de Europese verdragen. Het draagt er zorg voor dat
alle neuzen dezelfde kant op staan en dus niet ieder naar eigen
inzicht het gemeenschapsrecht uitlegt en toepast. Lidstaten: België
Bulgarije Cyprus Denemarken Duitsland Estland Finland Frankrijk
Griekenland Hongarije Ierland Italië Letland Litouwen Luxemburg
Malta Nederland Oostenrijk Polen Portugal Roemenië Slovenië
Slowakije Spanje Tsjechië Verenigd Koninkrijk Zweden Relevante
websites: www.grondwethoezo.nl www.grondweteuropa.nl
www.europese-grondwet.nl
www.eugrondwet.nlwww.europeesparlement.nl
Doorsturen |
Print/pdf |



